Brood bakken

Broodbakken blijkt voor veel mensen die er aan beginnen een groot plezier. Zeker als de broodbakmachine veel werk uit handen neemt. Zelf brood bakken geeft de mogelijkheid om te experimenteren en te variëren, zodat uw brood steeds anders smaakt en ruikt.

 

De basisverhoudingen

Als u zelf brood maakt is het goed om de basisverhoudingen te kennen. De samenstelling luistert nauw. Meer of minder van de ingrediënten geeft ook andere bakresultaten.

De verhoudingen zijn in principe:

100% meel
60 – 65% water
2% bakkerszout
1% droge gist of 2% verse gist
1 eetlepel olie of wat boter of margarine

De verhouding variëren per meelsoort. Voor de meelsoorten die wij in de molen verkopen kunt u per 500 gram de volgende hoeveelheid water aanhouden:
– tarwebloem: 330 ml
– tarwevolkorenmeel: 350 ml
– speltmeel en bloem: 320 – 330 ml
– terpenmix: 320-330 ml
– zesgranenbroodmix: 320 ml

 

Variëren

Op molen Welgelegen verkopen we verschillende soorten graan die voor een smaakvariatie kunnen zorgen:

Spelt is een populaire oergraan, waarmee ook uitstekend brood gebakken kan worden.
Roggemeel in het deeg (circa 10%) maakt brood wat vochtiger en compacter.
Boekweitmeel heeft een aparte smaak en maakt het brood wat zwaarder.
Havervlokken maken brood vochtig en zoet.

Geplette tarwe toevoegen aan volkorenmeel maakt het brood “grof”. Geplette tarwe moet eerst 6 uren worden geweekt voordat het wordt toegevoegd.
Zonnebloempitten, (on)gebroken lijnzaad, pompoenpitten en sesamzaad: Deze verschillende zaden kunnen zowel aan het deeg worden toegevoegd, maar ook over het brood worden gestrooid.